Acute PsychiatrieMenu
Acute Psychiatrie

27. Minderjarigen

J.A. Dekker, J. Steenmeijer, A.J.E. Visscher, M. Snelleman, R. Zuijderhoudt, A. Hondius, R. van Ojen, T. Stikker, R. Keurentjes, C.H. Vinkers

Let op, dit hoofstuk is gezien de gewijzigde wetgeving omtrent BOPZ niet meer up-to-date. Wij onderzoeken de mogelijkheden tot het vernieuwen van dit hoofdstuk.
Cautie: bij een verkorte samenvatting kunnen juridische nuances ontbreken. Dit overzicht heeft niet als doel om een uitputtende en volledige beschrijving te geven van alle juridische zaken. Bij twijfel moeten er andere bronnen worden geraadpleegd. Wij zijn niet aansprakelijk voor de gevolgen van mogelijke onjuistheden of onvolledigheden in dit hoofdstuk.

De WGBO en BOPZ zijn geldig voor zowel adolescenten als kinderen. De jurisprudentie op basis van BOPZ geeft geen uitzonderingen gebaseerd op leeftijd (een IBS kan dus ingeschat worden op alle leeftijden). In de WGBO zijn echter wel uitzonderingen gemaakt ten aanzien van de bevoegdheid van een minderjarige om een geneeskundige behandelingsovereenkomst aan te gaan, maar ook om toestemming te geven voor informatieverstrekking.

Tabel 27.1 - Overzicht WGBO bij minderjarigen

Jonger dan 12 jaarwettelijke ouders of voogd sluiten behandelovereenkomst en stemmen in met behandelplan
12 tot 16 jaarouders sluiten behandelingsovereenkomst en ouders en jongere stemmen in met behandelplan uitzondering: wanneer de jongere weloverwogen afwijkt van de beslissing van ouders kan de behandelaar ervoor kiezen de wens van de jongere te honoreren. Documenteer zorgvuldig!
16 jaar en ouderjongere sluit zelf behandelingsovereenkomst en stemt in met behandelplan

Let op:

  • Vraag altijd goed uit wie het wettelijke gezag heeft voor een kind. Standaard zijn dit beide ouders. Met name bij gescheiden ouders is dit van belang.
  • Een gezinsvoogd is niet belast met het gezag (zie ook de Jeugdwet).

Tabel 27.2 - Overzicht BOPZ -maatregelen bij minderjarigen

Kind < 12 jaarniet bereid tot opnameGeen IBS
Ouderswel bereid tot opnameGeen IBS
Kind < 12 jaarwel bereid tot opnameWel IBS
Oudersniet bereid tot opname of ouders verschillen van meningWel IBS
Kind 12-18 jaarniet bereid tot opnameWel IBS
Ouderswel bereid tot opnameWel IBS
Kind 12-18 jaarwel bereid tot opnameWel IBS
Oudersniet bereid tot opnameWel IBS

Let op: dit gaat niet over het sluiten van een behandelovereenkomst (zie daarvoor bovenstaande paragraaf WGBO), maar over bereidheid tot verblijf in een psychiatrisch ziekenhuis oftewel een gedwongen opname in het kader van de BOPZ.

Ouderlijk gezag

Hoewel het vanzelfsprekend is dat ouders de zorg voor hun kinderen dragen, is dit ook bij wet geregeld. Ouders zijn wettelijk verantwoordelijk voor de verzorging en opvoeding van hun kinderen tot het 18e levensjaar. Daarna geldt een voortgezette onderhoudsplicht voor de kosten van levensonderhoud en studie tot 21 jaar.

Jeugdwet

Ondertoezichtstelling (OTS)

Naast de WGBO en BOPZ word je bij kinderen en adolescenten onder de 18 jaar regelmatig geconfronteerd met maatregelen die voortkomen uit boek 1 van het Burgerlijk Wetboek, met uitwerkingen in de Jeugdwet. De belangrijkste is de OTS (ondertoezichtstelling) met een maximale duur van 12 maanden. De kinderrechter kan na een onderzoek van de Raad voor de Kinderbescherming een OTS uitspreken als:

  • het kind ernstig wordt bedreigd in zijn of haar ontwikkeling;
  • de noodzakelijke zorg onvoldoende wordt geaccepteerd;
  • het aannemelijk is dat de ouders de verzorging en opvoeding weer op zich kunnen nemen binnen een aanvaardbare termijn.

Deze maatregel kan ook worden aangevraagd voor een nog ongeboren kind. Indien er geen tijd is voor een uitgebreid raadsonderzoek, kan er ook gekozen worden voor de acute variant, de vOTS (voorlopige ondertoezichtstelling). OTS geeft geen gedwongen plaatsing in een BOPZ-kliniek. Zo kan een OTS naast een Rechterlijke Machtiging bestaan en nodig zijn. Wanneer een kind of jongere onder toezicht van jeugdzorg staat, is er buiten kantoortijden altijd de mogelijkheid te overleggen met de bureaudienst (crisisdienst) van jeugdzorg in de regio. Dit kan bijvoorbeeld van toepassing zijn bij een pedagogische crisis.

Machtiging uithuisplaatsing (MUHP)

Een uithuisplaatsing kan enkel volgen na het uitspreken van een OTS. De rechter moet echter wel expliciet een machtiging uithuisplaatsing uitspreken. Een jongere met een OTS kan gewoon thuis bij de ouders wonen. In de praktijk gebeurt het uitspreken van een OTS en een MUHP ook vaak tegelijk. Met een MUHP is er geen gedwongen plaatsing in een BOPZ-aangemerkte instelling. Een OTS, vOTS en een MUHP hebben geen invloed op het gezag van ouders!

Gezag

Onder een OTS hebben beide ouders nog steeds het ouderlijk gezag, maar zijn zij wel verplicht de aanwijzingen van de gezinsvoogd op te volgen. De gezinsvoogd krijgt echter zelf geen gezag over het kind. De rechten die ouders op grond van de WGBO hebben met betrekking tot de behandeling van hun kind blijven dan ook van toepassing.

  • Gezinsvoogd: geen gezag, wel spreekplicht.
  • Voogd: gezag, behandel als ouder.

Spreekplicht

De gezinsvoogd heeft in de Jeugdwet een eigenstandig recht op informatie. Dit betekent dat artsen, wanneer gevraagd, zonder toestemming van de ouders met gezag of de jeugdige zelf, een gezinsvoogd informatie moeten verstrekken. Dit geldt alleen als de informatie noodzakelijk is voor de uitvoering van de ondertoezichtstelling (waarmee de gezinsvoogd belast is). Daarnaast mag de arts uit eigen beweging de gezinsvoogd informeren met noodzakelijke informatie voor de uitvoering van de ondertoezichtstelling. Het advies is om waar mogelijk ouders ten minste te informeren over de aan jeugdzorg verstrekte informatie.

Meldrecht

Het is voor jeugdhulpverleners (dus ook de psychiater) te allen tijde toegestaan om advies te vragen en te overleggen (anoniem, d.w.z. geen persoonsgegevens over de jeugdige of diens ouders) en zorgen te melden (dit gebeurt met verstrekking van persoonsgegevens over jeugdige en ouders) bij Veilig Thuis (www.vooreenveiligthuis.nl). Bij twijfel kan altijd eerst anoniem worden overlegd (zie ook addendum 4).

Referenties

  • Factsheet medisch beroepsgeheim ministerie VWS 2015.
  • Handreiking verantwoordelijkheidsverdeling bij samenwerking in de zorg (KNMG 2010).
  • Handreiking voor de beoordeling van wilsbekwaamheid.
  • Model samenwerkingsovereenkomst o.a. NVvP en KNMG.
  • Vinkers CH, van de Kraats GB, Biesaart M, Tijdink JK. Is mijn patiënt wilsbekwaam? Volg de leidraad. Ned Tijdschr Geneesk. 2014;158:A7229.
versie: 1.1